Ritverslag 15-03-20

Ritverslag 15-03-20

Son en Breugel


Na twee tochten van 80 km was het nu tijd voor een tocht van 100 km. Dat lijkt een behoorlijke stap, maar voor de elf leden die deze ochtend van start gingen leek die toch redelijk makkelijk te zetten. Ik heb geen wanklank gehoord, terwijl er andermaal een hele stevige wind stond en het tempo ook behoorlijk was. Wel waren er een paar die uit zelfbescherming wat kopbeurten aan zich voorbij lieten gaan. Niet erg, want daardoor konden we een mooi en gelijkmatig tempo aanhouden. Een rondje Son en Breugel dus. 

 

Joop had wat aanpassingen gedaan, enerzijds in verband met wegwerkzaamheden tussen Eerde en Schijndel en rond d’n Boskant en anderzijds om enkele lange en wat saaie stukken te vervangen door nieuwe uitdagende stroken rond met name Mariahout en ook Rooi. 

Dat pakte prima uit want de tocht is er veel mooier door geworden. De keerzijde was wel dat door de harde wind en de vele bochten er - zeker achterin - heel veel bijgesprint moest worden om aansluiting te houden. Toch verliep dat zonder noemenswaardige problemen. 

Opvallend was wel dat Marc de nodige problemen kende om het tempo te volgen. Dat is iets wat we niet van hem gewend zijn maar zeker van voorbijgaande aard is. Maar lekker was het wel even, zeker omdat ik samen met hem op kop zat. 

Pauze dus tussen Son en Best op ons vertrouwd adres met dat hele leuke spontane personeel. Natuurlijk was Carona het onderwerp van gesprek, maar ook het overlijden van de zwager van Wout deze week kwam ter sprake. Een ongelooflijk triest gebeuren wanneer een man van goed zeventig komt te overlijden. Ik wens de zus van Ine en haar gezin en natuurlijk ook Ine en Wout en hun gezin heel veel sterkte bij het verwerken van dit grote verlies. 

Omdat we er al bijna 65 km hadden opzitten bij de pauze, hadden we er nog maar 35 te verteren. Dat werd met de wind mee natuurlijk een peulenschil. Heerlijk uitbollen naar Nuland toe. Er werd dan ook vrolijk gebuurt, iets wat voor een eerste tocht van 100 km geen zekerheid is. 

Ik hoef het niet te hebben over de prachtige voorjaarsklassieker die aan onze neus voorbij gaan, want dat geldt ook voor alle andere mooie sportevenementen. Wat zullen we dan vanmiddag in godshemelsnaam toch gaan doen was de veelgestelde vraag. Het aarzelend antwoord was vaak: dan maar een eindje gaan kuieren of terug te bed. Dat laatste is ook geen aantrekkelijke optie als je minimaal 2 meter van elkaar moet afblijven. 

Volgende week een rondje Horssen over een afstand van andermaal 100 km. We vertrekken om 08.00 uur. Dinsdag wordt het een hele mooie dag met 14 graden, zon en weinig wind. Ik hoop op unnen hoop skon volk.